Agritech

De wereldwijde tuinbouw weet: voor innovatieve technieken moet je in Nederland zijn. Maar om internationaal een toppositie te bekleden moet je niet alleen op techniek focussen. Laat het buitenland daarom het complete Nederlandse ecosysteem zien, vindt Edwin Vanlaerhoven van kassenbouwer en projectontwikkelaar Certhon. 

Certhon draait al wat jaren mee in de Nederlandse tuinbouw. Het bedrijf werd in 1896 opgericht door hoefsmid Van den Bosch, en groeide uit tot kassenbouwbedrijf. Ruim een eeuw later fuseerde Bosch Inveka met Wilk van der Sande, en werd in 2011 Certhon de nieuwe naam. En dat bedrijf is inmiddels wereldwijd actief op het gebied van turnkey-projecten, en heeft de hoofdvestiging in Poeldijk.

Onlangs kreeg de geschiedenis van Certhon een nieuw hoofdstuk. Het Japanse Denso werd mede-aandeelhouder. Denso is leverancier geavanceerde automotive technologie, systemen en onderdelen voor grote autofabrikanten. Daarmee kwamen twee werelden samen: die van de tuinbouw en die van big data, robots en machine learning. 

Die nieuwe samenwerking verstevigt de internationale positie van Certhon, vertelt Edwin Vanlaerhoven, verantwoordelijk voor Business Development binnen het bedrijf.. Maar nog mooier zou hij het vinden als de gehele Nederlandse tuinbouw de positie versterkt. “En daarvoor is het goed als we een gemeenschappelijke agenda hebben.”

Hoe helpt de samenwerking met Denso jullie internationaal?

“We kunnen de kennis en kunde van Denso op het gebied van big data, robots en machine learning gebruiken. Op veel plekken in de wereld is er onvoldoende kennis om producten te telen, of zijn er onvoldoende medewerkers. Dat zien we bijvoorbeeld in Amerika, een van onze focusgebieden. Amerika produceert nog relatief weinig zelf groente, dat wordt geïmporteerd uit Canada en Mexico. Met autonome teeltsystemen heb je de productie in eigen handen. Daarnaast is Denso sterk aanwezig in Azië. Via een nieuwe joint venture openen we een saleskantoor dat zich focust op die regio.”

Innovatie is dus het sleutelwoord. Welke rol speelt die innovatie voor de toppositie van Nederland?

“Iedereen in de internationale tuinbouw weet dat Nederland het centrum is. De BV Nederland is heel goed in het exporteren van technieken. Maar daarmee ben je er nog niet. Want dat Nederland zo innovatief is, komt ook door de triple helix – dus de samenwerking tussen overheden, ondernemers en kennisinstellingen – en door de diversiteit aan bedrijven. We hebben hier techniek, maar bijvoorbeeld ook teelt, advies en vermarkting. Het complete Nederlandse ecosysteem dus.”

Hoe zouden we dat moeten aanpakken? 

“Bij internationale turnkey-projecten werken we vaak samen met gelegenheidsconsortia. Daarin zitten dan bijvoorbeeld ook zaadveredelaars of partijen die teeltadvies geven, om maar een voorbeeld te noemen. Daarin zijn buitenlandse klanten zeer geïnteresseerd. Daarom zou er vaker gezamenlijk opgetrokken moeten op het gebied van internationalisering. Daarom zijn we ook partner van onder meer Dutch Greenhouse Delta.”

Speelt hetzelfde als het gaat om vertical farming?

“Wij noemen het liever indoor farming, of telen zonder daglicht. De echte meerlagenteelt is onnodig duur, omdat het in de stad plaatsvindt. Terwijl je rondom een stad vaak wel ruimte hebt. En op die ruimte kun je vervolgens op zoek naar de beste oplossing voor de productie. Dat kan dan indoor farming zijn, of gewone glastuinbouw. Het is dus een andere oplossing voor hetzelfde vraagstuk: het produceren van betrouwbare voeding. Punt is alleen dat Nederland juist op het gebied van daglichtloos telen wél veel concurrentie heeft.”

Is ook hier samenwerking het antwoord?

“Zeker. Daarom zijn we betrokken bij het katapultcentrum Vertical Farming. Maar we zijn betrokken bij meer organisaties, zoals Dutch Greenhouse Delta, World Horti Center, Greenport West-Holland, RVO en AVAG. Elke partij heeft zijn eigen rol. Zo presenteren Dutch Greenhouse Delta en RVO ons in het buitenland, en het World Horti Center is voor het ontvangen van internationale gasten. Greenport West-Holland zie ik daarbij als coördinator en facilitator, en als de partij die de gezamenlijke agenda bepaalt. Zo heeft iedereen zijn of haar eigen specialiteit. En dat is volgens mij de sleutel tot succes.”



Pin It on Pinterest