Een weblog van Jolanda Heistek, exclusief geschreven voor Goedemorgen.

Internet heeft ons veel mooie beloften gedaan. Zo leek het er lange tijd op dat we elkaar niet meer fysiek hoefden te ontmoeten: via Skype, chats, fora en hologrammen zouden we net zo goed kunnen communiceren. Dat zou kostbare tijd en kilometers schelen. Maar juist in deze tijd van digitale communicatie zijn echte ontmoetingsplaatsen zo belangrijk.

Daarom pleit ik op deze plek voor nog meer echte gesprekken en voor nog meer clubhuizen. Dat daar behoefte aan is, weet iedereen die op een doordeweekse dag stopt bij de Ikea, Van der Valk of benzinepomp. Daar wordt afgesproken – volledig live met koffie, koekjes en ik hoop met tomaatjes.

Het zou goed zijn als sectoren en regio’s letterlijk ruimte bieden aan dergelijke ontmoetingen. Dan heb ik het dus over clubhuizen en campussen. De tuinbouw mag zich gelukkig prijzen met een echt clubhuis: het World Horti Center in Naaldwijk. Het gebouw is veel meer dan een verzameling stenen waar toevallig opleidingen en ondernemingen onder één dak zijn gevestigd. Het is een echte ontmoetingsplaats, en niet alleen voor de mensen en bedrijven die er studeren, werken of huren. Het is inmiddels een openbare plek om te praten, lachen, onderhandelen en kennismaken. En daarin verschilt een campus van een clubhuis. In een clubhuis kunnen ook de omwoners of voorbijgangers binnenstappen en een nieuwe wereld ontdekken.

Een ander clubhuis, in aanbouw, is de Food Innovation Academy (FIA) in Vlaardingen. Deze kent u misschien nog niet. FIA is het clubhuis voor de levensmiddelenindustrie, waar de verse AGF-producten en proces food elkaar gaan ontmoeten. Zowel de ondernemers als de mbo- en hbo-studenten onderzoeken, ontwikkelen en werken daar naast en met elkaar. Een clubhuis dus van buiten de traditionele tuinbouwsector. Maar u weet: crossovers met andere sectoren bepalen mede de gezonde en vitale toekomst van het tuinbouwcluster. En dus moeten we als tuinbouwpartijen ook ontwikkelingen als het FIA ondersteunen en verbinden met de Greenport-activiteiten. (Bij start van het komend schooljaar zal het geopend worden). Sterker nog, we moeten als de deuren officieel opengaan er ook vaste klant worden, want het WHC loopt al bijna vol tijdens de lunch en de koffie.

Met deze clubhuizen zijn we er nog niet. Er zijn verkenningen een soortgelijke ontmoetingsplaats te ontwikkelen in het Oostland en ook in de Dutch Fresh Port (logistieke gebied rond Barendrecht en Ridderkerk), en wat mij betreft mogen er meer Greenport-clubhuizen bij komen. Hoe meer ontmoetingen gefaciliteerd worden met mensen en bedrijven van binnen én buiten de sector, hoe beter voor de vooruitgang van onze mooie cluster en regio. Hiervoor zijn alle partijen uit de Greenport nodig. Ondernemers die initiatief nemen, overheden die waar mogelijk ‘een steuntje in de rug geven’ en studenten die de basis zijn voor de toekomst van morgen. Clubhuisjes van, voor en door de Toekomstmakers van morgen.

Met dank aan Gert Kant (voorzitter Raad van Bestuur Lentiz, ambassadeur Innovatiepact Greenport West-Holland) voor het lenen van de inspirerende woorden: clubhuisjes en Toekomstmakers



Pin It on Pinterest